Gevels door de jaren heen

Gevels zijn door de jaren heen veel veranderd. Vooral in de periode voor de 20e eeuw waren gevels rijk versierd, dit was een belangrijk punt in de architectuur van die tijd. Deze versierde gevels zijn in de loop der jaren een beetje uit de mode geraakt en we zien hiervan nog maar enkele exemplaren terug. Hieronder geven we een aantal voorbeelden.

Driehoeksgevel

driehoeksgevel

De naam van de driehoeksgevel zegt eigenlijk alles al. De bovenkant van deze gevels heeft de vorm van een driehoek. Deze soort gevel kwam men vaak tegen bij pakhuizen en aan de achterzijde van woonhuizen. Driehoeksgevels kwamen veel voor in de periode tussen 1620 en 1720. Deze gevel is verder erg kaal, in deze tijd werd er nog weinig aan gevelversiering gedaan. Deze driehoeksgevels, ook wel “tuitgevel” of “puntgevel” genoemd, zijn opgebouwd uit baksteen en vervolgens afgewerkt met zandstenen platen. De eenvoudige vorm diende als goede basis voor het ontwerpen van nieuwe gevels.

Trapgevel

trapgevel

De eerste stap na de driehoeksgevel was de trapgevel. Deze bekende gevel, die overigens nog veel te zien is in grote steden als Amsterdam, heeft een trapvormige gevel. De vorm van de driehoek heeft bij deze gevel nog steeds de basis, de zijkanten zijn in dit geval echter vervormd tot traptreden. Deze traptreden werden vervolgens afgedekt met natuursteen om waterschade tegen te gaan. De oudste bekende trapgevels komen uit de 12e eeuw en zijn gebouwd in de romaanse stijl, maar deze gevel werd pas echt populair in de 17e eeuw. De trapgevels verdwenen in de 18e eeuw in grote getale, toen de mode veranderde naar een meer statige look. In de 19e eeuw maakte de trapgevel zijn terugkeer en werd deze weer op grote schaal toegepast in zogenaamde “neo-stijlen”, dat zijn bouwstijlen waarbij oude architectuur wordt gebruikt.

Volutengevel

De trapgevel werd op een gegeven moment steeds vaker versierd met verschillende ornamenten. Gekrulde ornamenten waren het meest in trek. Door de toepassing van vele krulelementen zijn de voluten ontstaan. Voluten zijn kruis of spiraalvormige versieringen. Volutengevels zijn dan ook trapgevels die zijn versierd met meerdere krulelementen. Een volutengevel wordt ook wel een “rolwerkgevel” genoemd. Waar de trapgevel gebruik maakt van treden, zijn deze bij de volutengevel meestal in sierlijke ronde krullen afgewerkt. Deze gevels komen veel voor in steden als Münster en Praag.

Halsgevel

Een halsgevel is een typische gevel die bij smalle woningen werd toegepast. De smalle “hals” van de gevel is vaak aan weerszijde versierd door ornamenten van zandsteen, ook wel klauwstukken genoemd. De halsgevel stamt uit de 17e eeuw, maar de meesten werden in de eerste helft van de 18e eeuw gebouwd. Ook de halsgevel komt voort uit de trapgevel, er is alleen slechts één tree overgebleven. Een soortgelijke versie, de verhoogde halsgevel, heeft een extra trede.

halsgevel

Klokgevel

Een klokgevel is ontstaan vanuit de halsgevel. Waar bij de halsgevel gebruik werd gemaakt van klauwstukken van zandsteen, zijn deze bij de klokgevel verdwenen. In plaats daarvan loopt de gevel door, daar waar de klauwstukken bij de halsgevel aanwezig waren. Het geheel is bij klokgevels gemaakt van baksteen. De gevel krijgt zo de vorm van een ouderwetse klok, daar dankt de gevel ook zijn naam aan. Klokgevels werden voornamelijk gebouwd in de periode van 1660 tot 1790. 18e-eeuwse klokgevels kunnen onderscheiden worden van de 17e-eeuwse klokgevels op basis van ornamenten. In de achttiende eeuw werden de ornamenten asymmetrisch.

klokgevelDe Nederlandse gevel is door de jaren heen dus erg veranderd. De evolutie van de gevels laat zien hoe dat is gebeurd en welke fasen de gevels hebben doorgemaakt. Vele authentieke gevels zijn inmiddels verdwenen, maar op sommige plekken zijn ze nog te vinden. Vooral aan de grachten zijn nog relatief veel oude gevels te vinden.